03 september 2010

Borderboy (aflevering 3): Buienradar

Voor zijn komst naar Nederland kwam Daniël vier keer logeren. Intensieve, energievretende perioden. Omdat hij als nachtbraker ‘nog lange niet, nog lange niet’ naar bed wilde en snakte naar aandacht, werden mijn slaapuren als een harmonica in elkaar geschoven. De wekker op mijn nachtkastje rinkelde iedere morgen even vroeg. Maar het meest vermoeiend waren Daniëls wisselende stemmingen, die totaal onverwachts konden omstaan van lief in vijandig, van aanhankelijk in afstandelijk.

Van wat bedoeld was als ontspannen fietstochtje maakte Daniël een dollemansrit. Full speed, handen los van het stuur, stoer achteromblikkend en uitdagend. Ik deed mijn uiterste best hem bij te houden, maar de krachtenmeting met een uitgelaten jonge jongen in de bloei van zijn leven was bij voorbaat een verloren zaak. Maar eenmaal thuis smeet hij zijn fiets ongecontroleerd in de schuur. Zijn energie was schoon-op, als een professionele sprinter die alles had gegeven. Er trok er een woedende waas over zijn bezwete gezicht. ‘Heb je een aspirine. Ik moest van jou ook zo hard racen. En dat met die wind in mijn gezicht. Ik heb vreselijke oorpijn!’
Verbazing? Ergernis? Boosheid? Eigenlijk moest ik stiekem zelfs een beetje lachen om zo’n uitspatting. Vooral omdat ik er niks van snapte.

De gemoederen liepen wel vaker hoog op. Zoals tijdens een dagje shoppen in Amsterdam, toen Daniël bij de lunch in een restaurant met een bruusk gevaar, totaal onaangekondigd, zijn stoel achterover klapte en stampvoetend naar de toiletten verdween. Tien minuten later zette hij zijn houten zitplaats weer overeind, nam bozig en zwijgend plaats en liet zijn hoofd in zijn handen zakken. Nadrukkelijk zuchtend, het middelpunt van een geďnteresseerd toekijkend publiek.
Dramatiek tijdens het eten, als een onverwachts theatermenu. Maar ik had geen trek in meespelen.
‘Wat is er aan de hand?’, probeerde ik op fluisterstand de schijn op te houden.
‘Kiespijn!’,  benoemde Daniël na lang nadenken de katalysator voor de donderbui in zijn hoofd.
Een aspirientje reduceerde deze supersnel tot een storm in een glas water.

Nog minder dan een half uurtje later verdween hij in een kledingwinkel dolenthousiast in de paskamer, zijn armen gul gevuld met uitgezochte kleren. Herboren in charme kwam hij weer tevoorschijn, gekleed in een legergroene blouse met geborduurde bloem op de rug. Een stralende blik op zijn spiegelbeeld en een dikke smile voor de verkoopster.

Aan het einde van de dag huppelde er een vrolijke jongen naast me naar het station, de goed gevulde plastic kledingzakken energiek heen en weer zwaaiend. Zijn bui kon niet meer stuk. Totdat het begon te miezeren. Ik voelde niet meteen nattigheid en dacht zelfs even aan een goed gespeelde grap toen Daniël onbeheerst begon te schreeuwen dat het superstom was dat ik geen paraplu had meegenomen. Mijn scherts om zijn haren - korter dan een centimeter - droog te wapperen in de trein, werd niet goedschiks opgepikt. Daniël begon zo woedend om zich heen te maaien, dat ik bang was dat het winkelend publiek een spontane stomp zou oplopen of – nog erger – hijzelf zijn oog zou prikken aan een van de uitgestoken paraplu’s.

Een bezoek aan onze hoofdstad was natuurlijk niet compleet zonder hasj brownies, waarmee Daniël die avond zijn honger naar hallucinerende hoogtepunten wilde stillen. Diep was zijn teleurstelling toen hij echter ‘geen enkel effect’ bemerkte, maar wel trapte hij bijna een gat in de vloer van het lachen bij het kijken naar een Amerikaanse comedyserie.
“Nee, dat komt niet door de space cake. Ik vind dit altijd leuk!”

Met zijn grillige karakter maakte Daniël ‘Goede Tijden Slechte Tijden’ tot een reality soap op huiskamerniveau waarin hij zich als soloacteur moeiteloos manifesteerde als dramaspeler en komediant. Maar de meeste furore maakte hij in zijn glansrol: een innemende persoonlijkheid die niet alleen mij, maar ook buren, burgers en buitenlui moeiteloos om zijn vingers wond.
Dat gevoelsmatig inpakken maakte het wegwezen altijd extra pijnlijk. Op alle uitzwaaifoto’s op Schiphol sta ik met wallen onder de ogen; door een schromelijk tekort aan slaap en een verbluffend verlies aan energie. Maar vooral vanwege een emotionele slijtageslag, want die bedelende blik in Daniëls ogen, die oneindige hunkering naar aandacht, bleef na zijn vertrek nog heel lang hangen.


Lees hier aflevering 1 en 2 van Borderboy


Door Linda