03 september 2010

‘Ziekenhuispsychiatrie staat onder druk’

Psychiatrische afdelingen van algemene ziekenhuizen (Paaz) hebben het moeilijk. Het aantal Paaz’en is in de periode 1998-2006 met 56 procent afgenomen van 87 naar 38 afdelingen. ‘Zorgwekkend’, zegt ziekenhuispsychiater Albert Leentjens. ‘De behoefte aan ziekenhuispsychiatrie neemt juist toe.’

Albert Leentjens

Met ondersteuning van de Nederlandse Vereniging voor Psychiatrie (NVvP) deed Albert Leentjens onderzoek naar de psychiatrische behandelcapaciteit van algemene- en academische ziekenhuizen. In het Tijdschrift voor Psychiatrie concludeert hij dat in deze ziekenhuizen het aantal psychiatrische bedden met 42 procent is gedaald. Het aantal dagbehandelingplaatsen daalde met veertien procent. Leentjens is verbonden aan de afdeling Psychiatrie van het Maastricht Universitair Medisch Centrum en is tevens voorzitter van de Afdeling Consultieve- en Ziekenhuispsychiatrie van de NVvP.

Waarom verdwijnen de Paaz’en?
‘Er zijn veel fusies geweest waarbij de Paaz’en werden overgeplaatst naar ggz-instellingen. Sinds 2000 zijn de Paaz’en bij nieuwbouw van regionale ggz-instellingen verplicht om met hen te fuseren. De reden hiervoor was dat men alle psychiatrische voorzieningen onder één dak wilde hebben; dat was overzichtelijker en paste beter bij het idee van de vermaatschappelijking van de psychiatrie. Dat daarmee de Paaz’en dreigden te verdwijnen is in 2004 erkend als ongewenst neveneffect door toenmalig minister Hoogervorst, maar die ontwikkeling gaat nog gewoon door.’

U stelt dat het voor veel ziekenhuisdirecties niet aantrekkelijk is om grotere bedragen te investeren hun psychiatrische afdelingen
‘De ziekenhuispsychiatrie heeft helaas ook binnen het ziekenhuis altijd een status aparte gehad. Dat is alleen nog versterkt met de invoering van de nieuwe financieringsstructuur waarbij ook de Paaz’en moeten registeren in de ggz-dbc’s. Dat betekent dat het ziekenhuis miljoeneninvesteringen moet doen om die ggz-dbc’s draaiende te krijgen naast de dbc-zorg. En dat voor een afdeling die meestal maar voor twee, drie procent van het budget verantwoordelijk is. Daarom trekken veel ziekenhuizen er niet zo hard aan om de Paaz binnen de eigen gelederen te houden.’

U noemt de afname van de psychiatrische behandelcapaciteit in Nederlandse ziekenhuizen zorgwekkend. Waarom?
‘Ik denk dat er juist meer behoefte is aan Paaz’en omdat ze ten eerste heel goed zijn in de diagnostiek en behandeling van patiënten die aan lichamelijke en psychiatrische comorbiditeit lijden. Er zijn meerdere onderzoeken, ook van de Inspectie voor de Gezondheidszorg, die aantonen dat in ggz-instellingen minder dan de helft van de patiënten adequate somatische zorg krijgt. Ten tweede zijn ze goed in de aanvullende diagnostiek bijvoorbeeld bij patiënten met organisch-psychiatrische aandoeningen, waarbij aanvullende diagnostiek nodig is zoals ct of mri-scans en interdisciplinaire consulten. Dat is in een ggz-instelling minder voorhanden, net zo min als multidisciplinaire samenwerking of teams rondom bepaalde aandoeningen.’

U verwacht zelfs dat de behoefte aan Paaz’en zal toenemen?
‘Vanwege de vergrijzing neemt het aantal patiënten met chronische aandoeningen en meervoudige aandoeningen alleen maar toe.’

Er gaat volgens u door het verdwijnen van de Paaz ook kennis en ervaring verloren
‘Zelf werk ik op de geheugenpolikliniek maar ik zit ook in een multidisciplinaire polikliniek voor bewegingsstoornissen die door de afdeling neurologie is opgezet. Door het bespreken van patiënten in multidisciplinaire teams waarin je somatische collega’s zitten, krijg je een veel bredere kijk op de problemen. Dat ontwikkel je niet als psychiater in een ggz-instelling waar je patiënten alleen kunt doorverwijzen en je ze pas weer ziet als ze terug zijn uit het ziekenhuis.’

Wat kunnen de Paaz’en beter dan de ggz-instellingen?
‘Ze zijn beter in de behandeling van patiënten met lichamelijke comorbiditeit en patiënten met organische psychiatrische ziektebeelden, die uitgebreidere diagnostiek vergen.’
 
Wat is volgens u de ideale verdeling van taken?
‘Bovenstaande groep patiënten is beter af in het ziekenhuis. Ook elektroconvulsietherapie kan beter hier gebeuren. Maar ieder heeft zijn eigen domein. In de ggz zijn weer veel meer mogelijkheden voor psychotherapeutische behandeling en casemanagement voor chronische psychiatrische patiënten.’

Maar als de Paaz’en verdwijnen, komen de ggz-instellingen eigenlijk op hun terrein?
‘Dat gebeurt inderdaad. Een paar Paaz’en zijn verhuisd naar ggz-instellingen waar het somatische afdelingen zijn geworden. Dat is toch anders want je hebt niet dezelfde diagnostische faciliteiten en de laagdrempelige toegang tot alle medisch specialisten. Het zou dus goed zijn om de behandelcapaciteit van de Paaz’en te herstellen.’

Is er sprake van twee verschillende werelden?
‘Het zijn verschillende culturen. Patiënten worden in het ziekenhuis anders benaderd. In het ziekenhuis is er meer aandacht voor somatische diagnostiek bij psychiatrische patiënten en ligt de focus op medicamenteuze behandeling en de begeleiding daarvan. Een ggz-instelling is vaak minder gespitst op onderzoek naar de samenhang van psychiatrische klachten met somatische aandoeningen van patiënten. In het ziekenhuis word je altijd door een psychiater gezien, waardoor deze aspecten minder over het hoofd gezien worden.

Maar het gaat eigenlijk vooral om verschillende patiëntengroepen?
‘Ja, we hebben een andere core business. Daarom maak ik me ook zorgen. De psychiatrie in ziekenhuizen dient een andere populatie met andere psychiatrische aandoeningen dan patiënten die in de ggz worden gezien. Patiënten die beter af zijn in het algemene ziekenhuis worden dus soms noodgedwongen in een ggz-instelling behandeld en worden daar tekort gedaan.’

Verwacht u dat de trend zal keren?
‘Uiteindelijk zal alles wel weer keren, al was het alleen maar door de epidemiologische ontwikkelingen. Men zal inzien dat je geen adequate zorg aan de vergrijzende populatie kunt bieden als je niet voldoende basiscapaciteit hebt.’ (BP)

Lees hier het artikel over de afname in het Tijdschrift voor Psychiatrie


© Psy 06-07-09

Ik ben het niet eens met het verdwijnen van PAAZ. Ik werk zelf op een gesloten opname afd. en geheugenpoli. Heb regelmatig te maken met patiënten met zowel psychische als somatische problematiek, die beiden aandacht en behandeling nodig hebben. Er moet regelmatig met patienten naar het ziekenhuis worden gegaan, dit betekend kosten voor inzet extra personeel voor begeleiding (mantelzorger of familie willen vaak niet), kosten voor vervoer, etc. Terwijl een kort durende opname binnen een PAAZ veel effectiever is. Bij verbeterd, stabiel, somatisch beeld zou patiënt weer naar een andere GGZ instelling overgeplaatst kunnen worden. Van mij mag de PAAZ in ere hersteld worden en blijven.
H. Wessels
do 09/07
Eigen schuld, dikke bult: allemaal uitverkocht aan de rampspoed die RIAGG heette, het verzamelpunt van neurotische warmtezoekers(daar bedoelen we het personeel mee)Wat zijn we blij dat we nu GGZ heten, bugettair opschonen die bende, want de AWBZ ruif bestaat over een tijdje niet meer.
Kniertje
di 14/07
De PAAZ afdeling van het ziekenhuis is een soort wachtruimte voor mensen die niet geestesziek zijn, maar nergens heen kunnen. Verslaafden, opgepakte prosituees, mensen die verdriet hebben wegens verlating door ex-partner, agressieve ex-gedetineerden, etc. Ze worden volgestopt met medicatie en lopen de hele dag doelloos rond door het ziekenhuis en wachten op huisvesting.
Juriste
za 18/07
Hallo juriste,

Wat is erger: in de PAAZ of op straat in de goot?
Dit maal vanuit Nijmegen: Guus uit Utrecht
za 18/07
in de paaz is beter want op straat loop je meer risico
dat je lichamelijk ziek word en of je krijgt een pak slaag.
van iemand die zelf niet helemaal normaal is
d hr van der moonen
wo 11/11