17 mei 2012

‘Burundi heeft maar twee psychiaters’

Samen met twee collega’s won pedagoog Eva Smallegange vorig jaar de ‘Mental Health Battle’, een wedstrijd voor vernieuwende ideeën in de geestelijke gezondheidszorg in ontwikkelingslanden. De prijs? Een reis naar het Afrikaanse Burundi om daar met eigen ogen enkele projecten te bekijken. Smallegange keerde onlangs terug.

De Mental Health Battle is een initiatief van de Nederlandse organisaties Global Initiative Psychiatry (GIP), HealthNet TPO en het Roemeense Estuar. Het wordt financieel gesteund door de Europese Commissie. Met de wedstrijd wordt aandacht gevraagd voor het belang van, maar ook gebrek aan geestelijke gezondheidszorg in ontwikkelingslanden. Aan de battle deden zeventien teams mee waaruit de jury twee winnaars koos. Smallegange vormde samen met haar collega’s Adimka Uzozie en Anna Scheele één van die teams.
 
Waarom deed u mee aan de Mental Health Battle?
‘In 2006 en 2007 heb ik voor HealthNet TPO in Burundi gewerkt als technisch adviseur en landelijk coördinator van het kinderprogramma. Met dat programma wordt psychosociale ondersteuning geboden aan kinderen en gezinnen in postconflict situaties. Hoewel het de bedoeling was dat ik toen acht maanden in Burundi zou blijven, is dat uiteindelijk anderhalf jaar geworden. De Mental Health Battle was voor mij een mooie kans om de ervaring die ik daar heb opgedaan te verwerken in een concreet plan. Bovendien wil ik uiteindelijk ook graag weer in Afrika werken, het liefst op het gebied van psychosociale ondersteuning aan kinderen en gezinnen.’ 
 
Met welk vernieuwende idee hebben jullie de wedstrijd gewonnen?
‘Het gaat niet om een kant en klaar projectvoorstel. Wat wij willen bereiken is dat de doelgroep van een bepaald project (dat kunnen kinderen, ouders of bijvoorbeeld doktoren zijn) zelf het hele project vorm gaat geven. Zij formuleren het probleem, maken een plan van aanpak en bepalen uiteindelijk of een project geslaagd is of eventueel nog aangepast moet worden. En voor de uitvoering van zo’n project, wordt zo veel mogelijk gebruik gemaakt van lokaal aanwezige faciliteiten. De rol van de hulpverlening bestaat  voornamelijk uit procesbegeleiding.
Om een voorbeeld te geven: in Burundi vindt veel huiselijk geweld plaats. Kinderen geven aan dat ze hierover zouden willen praten met volwassenen en bedenken vervolgens dat dit zou kunnen door middel van theater. Ze bereiden toneelstukjes voor die ze opvoeren voor de gemeenschap. Aan het eind bespreken ze met elkaar of hun plan is gelukt.’ 
 
Werkt dat?
‘Deze methodiek kan leiden tot empowerment van de lokale bevolking en daarmee doorwerken op de psychische gezondheid. Door de mensen zelf naar hun mening te vragen, ze aan te moedigen en te betrekken bij het oplossen van hun problemen, ontstaat er mogelijk meer actief draagvlak onder de bevolking. Men wordt veel meer vormgever en is niet puur ontvanger van hulp. Bovendien ontstaat zo ook meer inzicht in hoe de situatie door mensen zelf wordt ervaren en wat men als problemen ziet. Dit geldt in het algemeen, maar ook meer specifiek voor de geestelijke gezondheidszorg.’

Hoe is het gesteld met de geestelijke gezondheidszorg in Burundi?
‘Er zijn veel psychische problemen, maar er is te weinig capaciteit om er iets aan te doen. Zo is er maar één psychiatrische kliniek in heel Burundi en één opvanghuis voor slachtoffers van seksueel misbruik. Hoewel iedere provincie tegenwoordig een eigen ziekenhuis heeft, is er geen vaste levering van medicatie en zijn er in heel het land maar twee psychiaters actief.
Toch wordt er steeds meer hulp geboden in Burundi. Er zijn verschillende initiatieven die ondersteuning bieden en er worden meer mensen opgeleid. Helaas moeten veel projecten en hulpverleners vaak stoppen omdat er geen structurele financiering is. Er moet dus nog heel erg veel verbeterd worden.’

U heeft onlangs de reis naar Burundi gemaakt die u won met de Mental Health Battle. Hoe was dat?
‘Hoewel ik een langere tijd in het gebied heb gewoond en gewerkt, was het nog steeds heel erg heftig. We hadden een druk programma en het wordt je meteen weer duidelijk hoe complex en schrijnend de problemen daar zijn. Zo spraken we bijvoorbeeld met een vrouw die vertelde dat ze zich erg gesteund en geholpen voelde door de psychosociaal werker die ze bezocht. Helaas moest het kantoor van de hulpverlener gesloten worden omdat er geen geld meer was en was deze vrouw haar bron van steun kwijt. Ze zag geen andere oplossing dan weer opnieuw naar haar traditional healer te gaan. Die was er tenminste wel altijd…’ (HE)

Lees hier het bericht Online platform moet psychische hulp in ontwikkelingslanden verbeteren
 
© Psy 18 -10 – 2010