‘Cannabis is een waardeloos middel’
Deze zomer komt Psy over de vloer bij hulpverleners die willen laten zien waar ze trots op zijn. De zesde en laatste aflevering gaat over de Rotterdamse polikliniek voor verslaafde jongeren van Bouman GGZ. ‘Ik wil ze laten begrijpen dat er wat mis is in hun hoofd’.
Naast een tatoeagezaak en om de hoek van talloze coffeeshops bevindt zich sinds september 2008 de polikliniek van Bouman GGZ voor jongeren die problemen hebben met alcohol, drugs, gamen of gokken. Voorheen werden ze behandeld in poliklinieken voor volwassenen, maar dat was niet echt handig, vertelt de bevlogen sociaal psychiatrisch verpleegkundige Kees Bouwman. ‘De zorg voor beide groepen verschilt nogal en daarbij kropen de jongeren ongemakkelijk in een hoekje van de wachtkamer waar ze tussen de zwaar verslaafden zaten.’
MTV
Bouwman is dan ook trots dat er sinds oktober 2008 een apart pand is voor jongeren met een op hen gerichte aankleding. In het trappenhuis zijn de muren versierd met felgekleurde schilderingen waar een graffitiartiest de Euromast en de kubuswoningen in heeft verwerkt. In de wachtkamer met knalrode stoelen staat de televisie op MTV. Een meisje verschuilt zich achter een tijdschrift. Ze is een van de meer dan vijfhonderd jongeren die tot nu toe werden behandeld. De grootste groep heeft problemen met cannabis. ‘Dat is natuurlijk een waardeloos middel’, zegt spv Bouwman fel. ‘Ouders denken vaak dat een beetje blowen niet zo veel kwaad kan. Terwijl je het vanwege het steeds hogere thc-gehalte wat ons betreft onder de categorie harddrugs mag scharen.’
Verslaving is psychiatrie
Bouman GGZ is een ggz-instelling, gespecialiseerd in verslavingspsychiatrie. Want, zegt Bouwman, verslaving ís psychiatrie. ‘Jongeren die veel cocaïne of cannabis gebruiken doen dat niet voor de lol, maar vooral omdat ze niet lekker in hun vel zitten. Bij zeker driekwart van de jongeren die we hier zien, is er meer aan de hand. Vaak kampen ze met problemen thuis of met een psychiatrische stoornis zoals depressie of adhd. We leggen ze uit waarom zij hier wel zitten en hun vriendjes niet. Ik wil ze laten begrijpen dat er wat mis is in hun hoofd en dat ze daardoor dat middel blijven gebruiken.
Vervolgens kijken we samen hoe zij daar het beste mee om kunnen gaan. Dat vind ik het boeiende aan mijn vak.’
Kinderarts en verslavingsarts
De intakes voor de jeugdpoli worden besproken door de behandelcoördinator, een spv, een psycholoog en een jeugdpsychiater. Een verslavingsarts en een kinderarts kunnen geraadpleegd worden. Het multidisciplinaire team bekijkt wat de beste behandeling is. Dat kan variëren van individuele of groepsbehandeling bij een spv tot Multi Dimensional Family Therapy (MDFT), een intensief behandelprogramma waarbij ook het gezin en de school worden betrokken. De duur van de verschillende behandelingen varieert van enkele maanden tot anderhalf jaar.
Aanpakken en doorpakken
De behandelingen zijn gebaseerd op methodieken uit de verslavingspsychiatrie waarbij gebruik wordt gemaakt van cognitieve gedragstherapie en systeemtherapie, vertelt behandelcoördinator Daphne Kanner. ‘Onze aanpak is erg oplossingsgericht. We houden hier van aanpakken en doorpakken. Eerst gaan we aan de slag met datgene waar de jongere het meest tegenaan loopt. Doordat we aansluiten op de hulpvraag kunnen we de jongeren hier ook binnenhouden. We horen dat ze bij andere zorginstellingen alleen voor hun depressie worden behandeld en verder niet. Als ze ook nog blowen, moeten ze daar eerst mee stoppen voordat de behandeling kan beginnen. Dat werkt niet, want dat kun je niet van elkaar loskoppelen en bovendien voelt die jongere zich dan niet gehoord.’
Veldwerkers
Het team van de jeugdpolikliniek onderscheidt zich verder door betrokkenheid, zegt Kanner. ‘Wij zetten veel meer onze tanden er in. Als iemand niet komt opdagen, sluiten we de behandeling niet af zoals veel grote instellingen doen. We zoeken de jongere op om hem te bewegen weer verder te gaan.’ Daartoe beschikt de kliniek over een team, dat jongeren opspoort. Vooral jongeren die niet in behandeling zijn. ‘De veldwerkers zijn in januari dit jaar begonnen en begeleiden inmiddels 130 jongeren. Die zijn vaak zorgmijdend, soms zwervend, soms overlastgevend, maar ze hebben in ieder geval zorg nodig. De veldwerkers proberen ze naar de zorg toe te leiden. Dat kan hier op de poli zijn, maar ook bij de huisarts, de riagg of bij een andere zorginstantie. Daarnaast hebben we ook nog verslavingsconsulenten die spreekuur houden op scholen. Ook dat leidt weer tot begeleiding en behandeling van jongeren die problemen hebben met gebruik.’
Op de rails
Of de aanpak van de jeugdpoli werkt valt niet te bewijzen aan de hand van cijfers, zegt Kanner. ‘Die hebben we helaas nog niet. Maar ik kan met zekerheid zeggen dat we de meerderheid weer op de rails hebben gekregen.’ Spv’er Kees Bouwman zoekt doorgaans na drie maanden contact met de jongeren. ‘Met de meesten gaat het heel goed. Degenen met wie het minder gaat, nemen vaak zelf weer contact met ons op. Dat vind ik een goed teken. Ik durf te stellen dat het met tachtig procent goed gaat, omdat we anders signalen zouden krijgen van de huisarts, de school of de familie. Dankzij de lijntjes die we hebben gelegd, zijn we een beetje de spin in het web.’ (BP)
Klik hier voor de website van Bouman GGZ - jongeren
Dit artikel is onderdeel van de zomerserie Psy over de vloer. Lees hier de eerste, tweede, derde, vierde en vijfde aflevering.
© Psy 18-08-2010
















