Over een eetstoornis mag ook gelachen worden
Deze zomer komt Psy over de vloer bij organisaties die willen laten zien waar ze trots op zijn. Deze week de zelfhulporganisatie ZieZo, die vier praktijkhuizen runt waar mensen met een eetstoornis kunnen praten en oefenen met eten. ‘Vorige week nog hadden we de slappe lach om de gekkigheid die iedereen heeft met dat eten.’
‘Dit zijn veilige koekjes en dit zijn onveilige koekjes’, vertelt medewerker Natasja Mulder, terwijl ze naar twee goed gevulde koekpotten op tafel wijst. ‘Iemand met een eetstoornis zal eerder voor de droge biscuitjes kiezen, maar er kan ook geoefend worden met een spannend koekje zoals een stroopwafel.’ Dat oefenen gebeurt in de huiskamer van het zogenoemde praktijkhuis van zelfhulporganisatie ZieZo, in het centrum van Zutphen. In de gezellig aangeklede ruimte komen dagelijks mensen met verschillende eetstoornissen aanwaaien om even te kletsen met lotgenoten, huiswerk te maken, tv te kijken en ook om te leren dat een koekje bij de koffie niet zo gek is.
Verademing
Met dat doel wordt er ook iedere dag gezamenlijk geluncht. Dat dit allesbehalve vanzelfsprekend is voor de doelgroep, wil niet zeggen dat de sfeer tijdens het eten beladen is. Sterker, er wordt juist vaak gelachen, zegt Mulder. ‘Vorige week nog hadden we de slappe lach om de gekkigheid die iedereen heeft met dat eten. Er was een nieuw meisje bij en voor haar was dat een enorme verademing.’ Dat de een met ondergewicht en de ander juist met overgewicht worstelt, hoeft niet tot problemen te leiden, zegt Denise Bosma. ‘Ik zat hier zelf ooit als anorexiapatiënt aan tafel tussen twee vrouwen met binge eating disorder. Ik wist eerst niet wat ik er mee aan moest, maar vrij snel zag ik dat we veel overeenkomsten hebben. Toen we ons alle drie eindeloos afvroegen of we wel of geen dressing zouden gebruiken, zei ik dat we lekker gestoord bezig waren met z’n allen. Daar moesten we hard om lachen. Die luchtigheid heb je af en toe echt nodig. En dat kan hier.’
Ervaringsdeskundigen en vrijwilligers
Het praktijkhuis in Zutphen is één van de vier praktijkhuizen van zelfhulporganisatie ZieZo, die zestien ervaringsdeskundige medewerkers en tientallen vrijwilligers runnen. ‘Vanuit onze ervaring willen we mensen met een eetstoornis een plek bieden waar ze gewoon kunnen zijn wie ze zijn, zonder dat ze van alles moeten’, vertelt senior medewerker Marieke Niemeijer. Jaarlijks ziet ZieZo honderden mensen. ‘Daarmee zijn we voor eetstoornissen de grootste zelfhulporganisatie. Er zijn vergelijkbare stichtingen, maar die zijn een stuk kleiner en kennen geen inloophuis waar je iedere dag terechtkunt. Ons praktijkhuis is een laagdrempelig, mensen kunnen elkaar ontmoeten en ervaringen uitwisselen. Dat is voor eetstoornissen een uniek concept.’
Samenwerking ggz
ZieZo biedt als Awbz-erkende instelling daarnaast begeleiding in de vorm van zelfhulpgroepen, gezamenlijke activiteiten en individuele begeleiding. ‘We zijn echter geen behandelaars’, zegt Niemeijer. ‘Ik ben ook geen therapeut, maar ik heb wel zelf een eetstoornis gehad. Mijn ervaring zet ik in om mensen te begeleiden en te motiveren professionele hulp te zoeken. We werken nauw samen met de ggz-instellingen in de steden waar we actief zijn. Zo proberen we bij deze ggz-organisaties ervaringsdeskundigheid te integreren in de behandeling. We geven bijvoorbeeld in Zutphen psycho-educatie, we koken wekelijks met behandelgroepen en we bezoeken cliënten die in het ziekenhuis op gewicht moeten voordat zij kunnen starten met hun behandeling.’
Herstel
Volgens Niemeijer slaat de aanpak van het praktijkhuis aan. ‘Je ziet de mensen groeien. Velen worden zelf vrijwilliger en geven gastlessen aan familie van mensen met een eetstoornis of aan middelbare scholieren. Inmiddels telt de stichting ruim 120 vrijwilligers. Ook voor Niemeijer begon het echte herstel pas toen ze het praktijkhuis bezocht. ‘Ik had al een behandeling achter de rug, maar wat ik had geleerd, kon ik niet goed vasthouden. Hier werd ik heel erg gestimuleerd om eerst te bedenken waarom ik eigenlijk van mijn eetstoornis af wilde. Dat was in mijn behandeling nooit zo gevraagd. Daar deed ik wat ik moest doen en lag de focus volledig op eten en weer aankomen, niet op de reden waarom ik anorexia had. Door het contact met ervaringsdeskundigen werd ik me bewust van de keuze die ik kon maken, en zag ik hoe het anders kon.’
Warm bad
Voor Niemeijer was het vooral prettig dat ze destijds bij ZieZo aan een half woord genoeg had. ‘Soms bepaalt de woordkeuze al of je jezelf er in herkent. Hier zijn we veel directer dan in de reguliere hulpverlening. Ja, soms is dat confronterend. Maar vaker wordt dat als een warm bad ervaren. Ook door mij. Ik was tijdens mijn eerste gesprek hier verbaasd over de openheid waarmee een vrijwilliger sprak over haar eetgedrag en de oorzaken. Ergens vond ik dat confronterend, maar zij herkende mijn reactie direct omdat ze zelf indertijd ook zo had moeten wennen. Uiteindelijk weten we dat het blijven benoemen veilig voelt.’ (BP)
Bekijk hier de website van ZieZo
Dit artikel is onderdeel van de zomerserie Psy over de vloer. Lees hier de eerste, tweede en derde aflevering.
© Psy 05-08-2010












