Ptss ontstaat door bedreigd zelfbeeld
Herbelevingen van een trauma zijn niet veel anders dan gewone herinneringen. Wat ze bedreigend maakt voor mensen met een posttraumatische stressstoornis is de betekenis die ze voor hen hebben.
Dat concludeert psychologe Julie Krans in haar studie waarop ze onlangs cum laude promoveerde aan de Radboud Universiteit.
Een kenmerk van een posttraumatische stressstoornis (ptss) is dat je ongewild flashbacks van het ongeluk of ervaren geweld krijgt. De bestaande theorieën gaan ervan uit dat je ze krijgt omdat de normale informatieverwerking door het geheugen uit balans is geraakt. Uit Krans’ experimenten met gezonde proefpersonen die nare filmfragmenten te zien kregen concludeerde Krans dat dat niet juist is. Haar proefpersonen rapporteerden, net als mensen met ptss, namelijk ook flashbacks.
Dezelfde ervaring
‘Ik heb niet kunnen vinden dat de opslag van herinneringen bij getraumatiseerde mensen anders verloopt dan bij deze proefpersonen’, zegt Krans. Wat ze wel ontdekte is dat het krijgen flashbacks alles te maken heeft met de betekenis die mensen hechten aan een traumatische ervaring. ‘Dat verklaart ook waarom de een, op basis van dezelfde traumatische ervaring, wel ptss krijgt en iemand anders niet.
Slow motion
Als voorbeeld noemt ze een professioneel autocoureur die een zwaar ongeluk heeft gehad. In flashbacks herbeleefde hij dat ongeluk telkens opnieuw in slow motion. Hij voelde zich vooral schuldig dat hij niet ingegrepen had. Terwijl hij van zichzelf vond dat hij altijd controle had. ‘Het traumatische voor hem was dat hij kennelijk niet die persoon was waarvoor hij zich altijd gehouden had.’
Efficiëntere behandeling
Krans denkt dat haar bevindingen van belang zijn voor de aanpak van ptss. Een deel van de huidige behandelingen is erop gebaseerd dat patiënten hun traumatische ervaring uit en te na vertellen. Door het trauma her te beleven verwerken ze het, is de gedachte. Volgens de psychologe kan het efficiënter. ‘Met cognitieve therapie ga je na welk betekenispatroon die ervaring zo traumatisch voor die patiënt maakte. Dat kun je proberen dat zelfbeeld te veranderen.’ In een vervolgonderzoek hoopt ze dit nader te gaan onderzoeken. Ook wil ze bekijken of dat van toepassing is op andere ziektebeelden die met flashbacks gepaard gaan, zoals sociale fobieën, dwangneuroses en depressies. (MvK)
Lees hier de samenvatting van haar proefschrift Cognitive mechanisms underlying intrusion development: Intrusive images in analogue trauma
© Psy 29-10-2010








